Sinds 1 maart 2026 zijn de werkloosheidsregels in België grondig veranderd. Voor veel werknemers op het einde van hun loopbaan is dit een verontrustende situatie: te jong om vervroegd met pensioen te gaan, te oud om gemakkelijk een nieuwe werkgever te vinden. Wie is werkelijk beschermd? Wat moet u doen als u een brief van de RVA ontvangt? Fediplus maakt de balans op.

Wat er veranderd is op 1 maart 2026

De regering heeft besloten de werkloosheidsverzekering grondig te hervormen, met inwerkingtreding op 1 maart 2026 en overgangsmaatregelen sinds 1 juli 2025.

De belangrijkste nieuwigheid: voor de meeste werkzoekenden is het recht op uitkeringen voortaan beperkt tot een basisperiode van 12 maanden, waaraan tot 12 extra maanden kunnen worden toegevoegd op basis van het beroepsverleden. Concreet: maximaal 24 maanden — daarna is het afgelopen, behoudens uitzonderingen.

De "bescherming" voor 55-plussers: wat ze werkelijk dekt

De regering heeft gecommuniceerd over de bescherming van oudere werknemers. Werkzoekenden ouder dan 55 jaar met een beroepsverleden van meer dan 30 jaar zijn vrijgesteld van de tijdsbeperking. Dat klinkt geruststellend. Maar let op de details: dit vereiste beroepsverleden wordt vanaf 2026 elk jaar met één jaar verhoogd, tot een voorwaarde van 35 jaar beroepsverleden in 2030.

Wat dit concreet betekent:

●       In 2026 moet u 30 jaar beroepsverleden hebben om beschermd te zijn

●       In 2027: 31 jaar

●       In 2028: 32 jaar

●       In 2029: 33 jaar

●       In 2030: 35 jaar

En de realiteit is hard: volgens cijfers van de RVA zal 82% van de 55-plussers de bescherming niet genieten. De meerderheid van de oudere werklozen voldoet dus niet aan de vrijstellingsvoorwaarden.

Wie in het "gat" valt: de meest kwetsbare gevallen

Onder de leden van Fediplus zijn een aantal profielen bijzonder kwetsbaar:

Onvolledige of gemengde loopbanen. Mensen die periodes van deeltijds werk, langdurige ziekte, mantelzorg of eerdere werkloosheid hebben gekend, zullen vaak een beroepsverleden van minder dan 30 jaar hebben, zelfs op 58 of 59 jaar.

Vrouwen. Zij hebben statistisch gezien de meest onderbroken loopbanen. Een vrouw van 57 jaar die 10 jaar halftijds heeft gewerkt, zit hoogstwaarschijnlijk onder de drempel.

Werklozen tussen 55 en 60 jaar zonder toegang tot vervroegd pensioen. De hervorming creëert een bijzonder moeilijke situatie: sommige mensen zijn te jong voor vervroegd pensioen en te oud om werkgevers nog te interesseren. Zonder werkloosheidsuitkering en zonder pensioen blijft er maar één optie over: het OCMW.

U heeft een brief van de RVA ontvangen: wat moet u doen?

De betrokken personen ontvangen hun waarschuwingsbrief vanaf half maart 2026 per post of via de eBox. Als u dit document ontvangt, zijn dit de stappen die u zonder uitstel moet ondernemen:

  1. Neem onmiddellijk contact op met uw vakbond (ACV, ABVV, ACLVB, …). Die staat aan uw zijde om u te ondersteunen en informeert u over infosessies en de mogelijkheden die voor u openstaan.
  2. Informeer u bij uw ziekenfonds. Als u uitgesloten wordt van werkloosheid, zal de RVA geen werkloosheidsattest meer opsturen, en kan het ziekenfonds u niet meer automatisch dekken. Iemand die op 1 januari 2026 uitgesloten wordt, zou vanaf 1 januari 2028 mogelijk geen terugbetaling van gezondheidszorg meer genieten. Het is dus dringend noodzakelijk om deze dekking op voorhand te regelen. Let op: er zijn uitzonderingen voorzien: personen ouder dan 55 jaar met een beroepsverleden van minstens 30 jaar genieten een permanente vrijstelling, zonder dat zij hiervoor stappen moeten ondernemen. De rechten op werkloosheidsuitkeringen blijven automatisch behouden.

    Let op: de voorwaarde wordt geleidelijk strenger — het vereiste beroepsverleden stijgt vanaf 2026 elk jaar met één jaar, tot 35 jaar vereiste loopbaan in 2030.

    Bovendien genieten personen die onder het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) vallen (vaak oudere werknemers die ontslagen werden in het kader van herstructureringen) eveneens een automatische vrijstelling.
  1. Raadpleeg het OCMW van uw gemeente. Als u geen vervangingsinkomen meer heeft, kan het OCMW uw recht op een leefloon onderzoeken. Deze stap moet worden gezet zodra het recht verloren gaat, niet pas daarna.
  2. Controleer uw voorwaarden voor vervroegd pensioen op mypension.be. Met de gelijktijdige pensioenhervorming evolueren de voorwaarden. Maar voor bepaalde profielen blijft een vervroegd vertrek mogelijk als zij aan de loopbaanvoorwaarden voldoen.