Voor wie uiterlijk op 1 januari 2027 met pensioen kan gaan, verandert er niets. De berekening van zowel de pensioenleeftijd als het pensioenbedrag blijft onderworpen aan de huidige wetgeving. Hetzelfde geldt voor wie ervoor kiest zijn pensioen vrijwillig uit te stellen tot na die datum: de vroegst mogelijke datum voor vervroegd pensioen blijft berekend volgens de bestaande regels, zonder malus.
Voor alle anderen voert de hervorming verschillende structurele wijzigingen in. De voorwaarde inzake gewerkte of gelijkgestelde dagen voor de loopbaanjaren die meetellen voor het vervroegd pensioen stijgt van 104 naar 156 dagen per jaar, op enkele uitzonderingen na. Daarnaast wordt vanaf 60 jaar een nieuwe toegangspoort tot vervroegd pensioen gecreëerd, maar onder aanzienlijk strengere voorwaarden: minstens 42 loopbaanjaren met telkens ten minste 234 effectief gewerkte dagen.
Het bonus-malussysteem vormt de tweede pijler van de hervorming. Een malus, of een vermindering van het brutopensioenbedrag, zal van toepassing zijn op vervroegde pensioneringen die niet voldoen aan twee cumulatieve voorwaarden: 35 loopbaanjaren met minstens 156 gewerkte dagen per jaar én 7.020 gewerkte dagen over de volledige loopbaan. Bepaalde niet-gewerkte periodes, zoals ziekte, ouderschapsverlof en tijdelijke werkloosheid, worden wel meegeteld. Omgekeerd zal een bonus worden toegekend aan wie langer actief blijft dan de wettelijke pensioenleeftijd, onder dezelfde loopbaanvoorwaarden. Die bonus kan worden opgebouwd vanaf 1 januari 2026 voor pensioenen die ingaan in 2027 of later.
Overgangsmaatregelen beperken de impact voor de generaties die dicht bij hun pensioen staan. Personen geboren vóór 1966 zullen maximaal één jaar later met pensioen kunnen gaan dan vóór de hervorming. Voor wie in 1966 geboren is, bedraagt dat maximum twee jaar.
De openbare sector wordt het zwaarst getroffen door de hervorming. De referteperiode voor de pensioenberekening wordt verlengd, de gunstige tantièmes (hoger dan 1/60ste) verdwijnen, evenals de verhogingscoëfficiënten en de voorkeursleeftijden voor pensionering. Het gaat om ingrijpende aanpassingen die de historische pensioenvoordelen van het ambtenarenstatuut aanzienlijk verminderen.
Een onmiddellijke praktische consequentie is dat vanaf 8 juni de overgrote meerderheid van de burgers hun pensioenramingen niet langer zal kunnen raadplegen op mypension.be. De tijd is nodig om het platform aan te passen aan de nieuwe berekeningsregels. Pensioenaanvragen blijven wel mogelijk en de Federale Pensioendienst garandeert een definitieve beslissing uiterlijk vier maanden vóór de gekozen pensioenstartdatum.
De gefaseerde heractivering van mypension.be loopt tot eind 2027. Tegen dan zullen ook de volledige simulaties opnieuw beschikbaar zijn.
Voor wie een pensionering in 2026 of begin 2027 overweegt, is de boodschap van de Federale Pensioendienst duidelijk: wacht niet af en dien uw aanvraag tijdig in, eventueel zelfs zonder definitieve pensioenstartdatum. De meest dringende dossiers zullen prioritair worden behandeld.
De hervorming is goedgekeurd. Nu begint het echte werk: ze uitvoeren, uitleggen en de eerste onbedoelde slachtoffers begeleiden — zij die slechts enkele maanden of jaren van hun pensioen verwijderd zijn en hun plannen opnieuw zullen moeten berekenen.