Een grote administratieve tekortkoming heeft sinds 2019 honderdduizenden jonge horecawerkers beroofd van hun sectoraal aanvullend pensioen. De oorzaak: werkgeversbijdragen die nooit door de RSZ werden geïnd, wat een zorgwekkende kwetsbaarheid blootlegt in het beheer van sociale rechten. De omvang van het probleem stelt nu de vraag naar de sturing van het socialezekerheidsstelsel, en naar de verdeling van verantwoordelijkheden tussen publieke instellingen en werkgevers.
Het in 2019 ingevoerde sectoraal aanvullend pensioen voor de horeca moest werknemers jonger dan 23 jaar in staat stellen een aanvullend pensioenkapitaal op te bouwen, gefinancierd door een specifieke werkgeversbijdrage. Het systeem paste binnen de wil om de sociale bescherming te versterken in een sector die gekenmerkt wordt door een hoge contractuele onzekerheid en een hoog personeelsverloop.
Maar in de praktijk werden de inhoudingen nooit uitgevoerd, aldus RTL Info en Het Nieuwsblad. Bijna zeven jaar lang werden de wettelijk voorziene bijdragen simpelweg niet geïnd. Een anomalie die des te opvallender is omdat het gaat om een structurele, maandelijks terugkerende geldstroom waarbij tienduizenden werkgevers betrokken zijn.
Op individueel niveau lijken de ontbrekende bedragen misschien bescheiden. Maar gecumuleerd over meerdere jaren en gekapitaliseerd over een volledige loopbaan, wordt de financiële impact aanzienlijk.
In een sector waar loopbanen vaak discontinu zijn, spelen deze eerste bijdragejaren een sleutelrol in de opbouw van het aanvullend pensioenkapitaal. Hun afwezigheid creëert een blijvend tekort, moeilijk te recupereren, tenzij een massaal inhaalplan wordt overwogen.
Op macro-economisch niveau zijn dit tientallen miljoenen euro's die de pensioenreserves niet hebben gevoed, met een dubbel negatief effect: een direct verlies voor de werknemers en een gemiste kans voor de langetermijnspaartegoeden, die nochtans essentieel zijn voor de financiering van de reële economie.
Geconfronteerd met de omvang van de tekortkoming heeft de RSZ een regularisatie aangekondigd die beperkt blijft tot de laatste twee jaar. Voor de periode 2019–2023 zijn de modaliteiten vooralsnog onbepaald.
Deze aanpak roept een dubbele vraag op. Enerzijds juridisch, wat betreft de verworven rechten van de werknemers. Anderzijds budgettair, aangezien de kost van een volledige regularisatie aanzienlijk zou kunnen zijn voor zowel werkgevers als publieke instellingen.
Een externe audit is momenteel aan de gang om de precieze oorsprong van de tekortkoming en de betrokken verantwoordelijkheden te identificeren. De conclusies, verwacht tegen half maart, moeten uitwijzen of het gaat om een geïsoleerde technische fout of een diepere structurele zwakte in de governance van het systeem.
Hoewel de RSZ instaat voor de inning van de bijdragen, zijn verscheidene vakbondsorganisaties van mening dat werkgevers niet volledig van verantwoordelijkheid kunnen worden vrijgesteld. De controle van de loonfiches en de verificatie van de betaling van sociale lasten behoren ook tot goed ondernemingsbestuur.
Deze vage verdeling van verantwoordelijkheden wijst op een terugkerend probleem in complexe sociale zekerheidsstelsels: het ontbreken van een duidelijk aangewezen stuurder, die in staat is anomalieën snel te detecteren en corrigerende mechanismen in gang te zetten.
Voorbij de horecasector alleen onthult deze episode een systemische kwetsbaarheid in het beheer van aanvullende pensioenen in België. Nu deze systemen een steeds grotere rol moeten spelen in de houdbaarheid van de pensioenen, wordt hun operationele betrouwbaarheid een belangrijk macro-economisch vraagstuk.
De zaak zou verschillende al lopende werkzaamheden kunnen versnellen: verhoogde automatisering van controles, versterkte traceerbaarheid van bijdragenstromen, betere transparantie voor werknemers via gecentraliseerde digitale platformen.
Bij gebrek daaraan is het risico duidelijk: een toename van situaties waarin sociale rechten op papier bestaan, maar nooit worden omgezet in individuele rekeningen, waardoor geleidelijk het vertrouwen in het gehele systeem wordt ondermijnd.