Wie een probleem blijft uitstellen, krijgt het vroeg of laat terug met rente. Al maanden slaan verenigingen alarm over de verwoestende gevolgen die de hervorming van de werkloosheid zal hebben voor mantelzorgers… zonder resultaat. Minister Clarinval zegt zich “bewust van het probleem” te zijn, zo meldt de RTBF, maar schuift de verantwoordelijkheid door naar de gewesten. Na een intense sensibiliseringscampagne van verschillende verenigingen is het probleem opnieuw naar boven gekomen en onontkoombaar geworden.

De getuigenissen zijn talrijk: Claire, die voor haar moeder zorgt die haar autonomie verliest; Dimitri, die zorgt voor zijn gehandicapte zoon Milan terwijl zijn partner werkt; Carole, die voltijds voor haar gehandicapte zoon zorgt. Volgens de Gezinsbond zouden bijna één miljoen Belgen zorgen voor een familielid met een handicap of een verlies aan zelfredzaamheid. Hun situatie werd in 2014 erkend, het jaar waarin de wet betreffende de erkenning van de mantelzorger van een persoon met een zware zorgbehoefte werd aangenomen. Volgens Émilie Charlier, onderzoekster aan de UMONS, “duidt deze wet de mantelzorger aan als ‘de persoon die voortdurende of regelmatige hulp en ondersteuning biedt aan de geholpen persoon’ en die voldoet aan de volgende voorwaarden: meerderjarig (of ontvoogd) zijn en een vertrouwens- en/of nabijheidsrelatie hebben met de zorgbehoevende, evenals twee uitvoeringsvoorwaarden: enerzijds moet de ondersteuning gratis en niet-professioneel zijn, en anderzijds moet het levensproject van de geholpen persoon worden gerespecteerd.” Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, kan de mantelzorger een erkenningsaanvraag indienen bij zijn of haar ziekenfonds. Na erkenning kan men een thematisch verlof aanvragen met een onderbrekingsuitkering voor professioneel actieve mantelzorgers, evenals specifieke voordelen per ziekenfonds (terugbetaling voor thuiszorg, huishoudhulp, …).

Maar sommige volwassenen kunnen hun professionele activiteit niet combineren met hun rol als mantelzorger. Dat is het geval voor Dimitri, die voor zijn zoon Milan zorgt, vandaag 14 jaar oud. “Hij heeft letsels op bijna de volledige cortex, waardoor hij een jongen is met een cerebrale motorische beperking. Hij heeft dus dagelijks hulp nodig.” Door de hervorming van de werkloosheid zal Dimitri echter zijn rechten verliezen en zal het gezinsinkomen vanaf juli met 750 euro dalen… zonder enig alternatief om deze gezinnen te ondersteunen. De werkloosheidsregeling voorziet wel in een vrijstelling voor mantelzorgers, maar die is beperkt tot vier jaar. Ze geeft recht op een zeer beperkte daguitkering: gemiddeld ongeveer 350 euro per maand, die na twee jaar daalt tot ongeveer 310 euro. Volgens minister Clarinval maken slechts 297 personen aanspraak op deze maandelijkse steun, een analyse die door de verenigingen scherp wordt betwist. Zij benadrukken dat “dit statuut sinds 2015 bestaat, maar volledig is geflopt”. Wanneer een familielid een handicap heeft, “is dat niet voor vier jaar, en bovendien zijn er kosten, misschien een huur om te betalen; als men dan ook nog alleenstaande ouder is, hoe kan men het redden met zo’n bedrag?”, vroeg Christian Carpentier, woordvoerder van de vzw Aidants Proches, zich af.

Geconfronteerd met deze situaties heeft minister Clarinval de verantwoordelijkheid steeds doorgeschoven. Op vragen van SudInfo, de eerste krant die de situatie aanklaagde, antwoordde het kabinet van minister David Clarinval (MR) dat “de minister niet bevoegd is voor gezinsmateries of de ondersteuning van personen met een handicap”. Afgelopen zomer vroeg de vzw Aidants-Proches om ontvangen te worden om de minister te sensibiliseren voor de menselijke drama’s die de hervorming zou kunnen veroorzaken. Die vraag bleef onbeantwoord. Daarop hebben de verenigingen hun inspanningen opgedreven om op federaal niveau tot een oplossing te komen. De Ligue des Familles lanceerde samen met meer dan vijftig verenigingen een petitie om een specifiek statuut te creëren dat losstaat van de werkloosheid. Die eis wordt ondersteund door de partij Les Engagés, partner in de Arizona-coalitie. “Mantelzorgers zijn noch inactief, noch onverschillig. Hun gedeeltelijke of langdurige onbeschikbaarheid voor de arbeidsmarkt vloeit voort uit een engagement dat onmisbaar is voor de samenleving”, benadrukt Anne Pirson, federaal parlementslid voor Les Engagés, in een persbericht dat op 16 januari door de partij werd verspreid.

Op 20 januari reageerde Yves Coppieters, minister van Gezondheid, Leefmilieu, Solidariteit en Sociale Economie, in de commissie van het Waals Parlement. “Een studie van de Europese Unie heeft de taken van deze mantelzorgers gewaardeerd op het equivalent van 2,5 % van het Belgische bbp, of meer dan 15 miljard euro. De WHO spreekt zelfs van 3,6 % van het bbp, of meer dan 22 miljard euro”, verklaarde hij, alvorens toe te voegen dat er een “globaal plan in voorbereiding” is. De maatregelen zijn nog niet vastgelegd, maar zullen draaien rond informatie, sensibilisering en ondersteuning van mantelzorgers, “bovenop het werk dat op interfederaal niveau wordt verricht”, zo benadrukte hij.

Voorlopig is er nog geen oplossing gevonden en dreigen veel mantelzorgers vanaf 1 maart in financieel moeilijke situaties terecht te komen. Geconfronteerd met dit risico heeft François De Smet (DéFI) gevraagd om een moratorium dat de uitsluitingen uit de werkloosheid bevriest zolang er geen oplossing is gevonden. “Een dergelijk project omvat meerdere budgettaire, wetgevende en administratieve stappen. Het uitschrijven, stemmen, uitvoeren en vervolgens begeleiden van ouders bij het activeren van hun rechten zal meerdere maanden in beslag nemen, zo niet langer”, besluiten de verenigingen. De urgentie is dus groot.