Een vakantiegeld is betaalbaar in de maand mei, tegelijk met het werknemers- of ambtenarpensioen, op voorwaarde dat u het pensioen van die maand ontvangt. Het bedrag verschilt naargelang het stelsel waarin u hebt gewerkt.
Als u een werknemerspensioen heeft, wordt het bedrag in mei 2024 als volgt vastgesteld:
Het vakantiegeld mag niet hoger zijn dan het pensioen van de maand mei; zo niet, wordt het beperkt tot dat pensioen. In bepaalde gevallen kan u een supplement van 47,141910 % worden toegekend en mag de totale som (beperkt vakantiegeld + supplement) niet hoger zijn dan het volledige vakantiegeld.
Tijdens het 1ste jaar van uw pensioen ontvangt u geen vakantiegeld, tenzij u in het vorige kalenderjaar een vervangingsinkomen heeft ontvangen (wegens ziekte, invaliditeit, werkloosheid of SWT).
Pas vanaf het 2de jaar ontvangt u een vakantiegeld waarvan het bedrag evenredig is aan het aantal maanden tijdens welke u in het 1ste jaar een pensioen heeft ontvangen.
Als u een rustpensioen als ambtenaar heeft, ontvangt u een vakantiegeld indien u op 1 mei van het lopende jaar:
Voor het overlevingspensioen van ambtenaar moet u op 1 mei van het lopende jaar:
Een volle wees of een kind dat als zodanig erkend is, kan aanspraak maken op het vakantiegeld indien in mei 2026:

Een aanvullend vakantiegeld bovenop het vakantiegeld wordt onder voorwaarden uitsluitend toegekend aan de begunstigden van het:

De som van het vakantiegeld en het aanvullend vakantiegeld is beperkt tot het totale bedrag van alle ambtenarpensioenen betaalbaar in mei.
Het gezinstarief wordt toegekend aan gepensioneerde gehuwden waarvan de andere echtgenoot geen inkomsten heeft of een beperkt klein pensioen geniet.